Gevangen in het verkeerde systeem

Een confronterende beschouwing vanuit historisch en systemisch perspectief over waarom SBN maar niet lijkt te kunnen groeien...

  
In de jaren ’90 beleefde squash in Nederland zijn hoogtijdagen en waren naar verluid circa 50.000 squashers lid van de squashbond. Rond 2010 lag het officiële ledenaantal volgens NOC*NSF-cijfers nog op ongeveer 15.000 à 16.000, maar inmiddels is dat aantal teruggelopen tot circa 4.000 à 5.000 leden. Er is niet alleen sprake van een structurele krimp, maar ook van een kennelijke onmacht het tij te keren. Wat is daar de oorzaak van?
  
Historisch perspectief
Om de reden van deze continue daling beter te kunnen begrijpen, zullen we ons eerst moeten realiseren dat Nederland van oudsher een verenigingsland is. Verenigingen hebben geen winstoogmerk dus in verenigingsland zijn de financiële middelen over het algemeen beperkt. Een overkoepelende bond is in een dergelijk landschap een noodzakelijk 'kwaad' en om die bond te bekostigen zijn bondslidmaatschappen doorgaans een verplichting. Het is een zeer sociaal systeem dat in grote mate steunt op vrijwilligers. Doel van dit systeem is gemeenschappen te verbinden, sporten te organiseren en continuïteit via bonden te waarborgen. Om dit systeem in stand te houden én te bevorderen, doet NOC*NSF een bond daarom jaarlijks een bijdrage per lid toekomen. Het systeem is dus volledig gebaseerd op afhankelijkheden.
In tegenstelling tot traditionele verenigingssporten als bijvoorbeeld tennis en roeien wordt squash in Nederland echter hoofdzakelijk beoefend bij commerciële clubs met een winstoogmerk. Squash is een verdienmodel en spelers (i.c.m. de data die hun spelmomenten genereren!) zijn kritisch bedrijfsbezit. Een overkoepelende bond is in veel mindere mate noodzakelijk en het verplicht stellen van lidmaatschappen niet wenselijk. Er is sprake van een compleet ander landschap en het systeem is gebaseerd op vrijheden.
  
Gevangen in het verkeerde landschap
Dat squash zichzelf aanvankelijk nestelde in het verenigingslandschap is niet heel gek. Dit was niet alleen de standaard praktijk, het was nagenoeg de enige praktijk. Dat de squashbond dit door de jaren heen nooit heeft aangemerkt als probleem is goed te verklaren door het belemmerende effect dat gratis geld op logisch nadenken heeft. Hierdoor heeft de squashbond zichzelf bijvoorbeeld nooit gerealiseerd dat zij naar de aard van de subsideregel eigenlijk helemaal niet een bedoelde begunstige is. En omdat de bijdrage van NOC*NSF inmiddels verworden is tot de belangrijkste levensader van SBN, houdt die subsidie SBN nu gevangen in het landschap waarin zij gewoonweg niet thuis hoort en zal zij een langzame dood sterven.
  
Gratis geld
Inderdaad, de belangrijkste levensader van de squashbond is subsidie. En omdat die subisie gebaseerd is op het aantal leden, is ledenwerving de belangrijkste pijler van het beleid. In verenigingsland hebben lidmaatschappen een verplicht karakter, met als resultaat gratis geld. In het commerciele landschap zijn lidmaatschappen echter vrijwillig. Wil de squashbond aanspraak maken op de subsidie van NOC*NSF dan zal zij leden derhalve individueel moeten binden wat naar verhouding veel tijd en energie kost. En om leden individueel te binden en te behouden zal inhoud moeten worden gegeven aan het lidmaatschap, wat naar verhouding weer veel geld kost. Daarbij gaat de kost ook nog eens voor de baat uit, wat het resultaat van alle investeringen onzeker maakt. Wat heeft de squashbond de individuele squasher in het commerciele systeem eigenlijk uberhaupt te bieden...?
  
Follow the money
SBN heeft dus een onzeker en tijdrovend verdienmodel met lage tot negatieve marges en een verkeerde doelgroep. Door deze focus laat SBN na het geld daar op te halen waar het wordt verdiend. Waar het zelfs ligt te wachten om geinvesteerd te worden in de sport ten gunste van de bedrijfsvoering: bij de commerciele squashclub. Op dit moment is de jaarlijkse bondsbijdrage die een squashclub doet gebaseerd op de omstandigheid dat verenigingen geen winstoogmerk hebben en dat bedrag is dus veel te laag. Zou de squashbond clubs op maat gaan bedienen en de sport in het algemeen op de kaart zetten dan kan de squashbond een positieve bijdrage aan de bedrijfsvoering leveren en zodoende een positie opeisen als begunstigde van het verdienmodel, waarbij aangetekend dat de squashbond in de unieke positie zit dat de squashsport sowieso een vertegenwoordigend orgaan nodig heeft. 
  
Surfen op de golven van groei.
Het lage ledental maakt dat er momenteel best enige negativiteit in de squashsport zit jegens de bond. Daar bieden de resultaten ook alle aanleiding toe. Maar gek genoeg is er juist reden tot positiviteit. Squash wordt Olympisch. Mondiale grootmachten als de VS en China zijn zwaar aan het investeren om ook op het gebied van squash een leidende rol te spelen. De PSA is met succes bezig squash beter in beeld te brengen en aantrekkelijker voor een steeds groter publiek. Veel squashclubs draaien prima cijfers. SBN kan makkelijk op die trein springen, maar dan zal zij realisch moeten zijn. Het enige dat zij hoeft te doen is zichzelf in de spiegel aankijken en het roer omgooien. In verenigingsland is SBN een lelijk eendje. In het commerciele landschap kan zij een factor van formaat zijn en een lichtend voorbeeld voor squashbonden over de hele wereld. Er hoeft er maar eentje op de knop te drukken. 'Yes, we can!'...
  
KNLTB
Nog wel een klein nawoord. In de wandelgangen ging en gaat vaak het gerucht dat het misschien een beter idee is om de squashbond onder te brengen bij de KNLTB. Dit zal in eerste instantie voor velen best aanlokkelijk klinken omdat het in de afgelopen 40 jaar toch niet gelukt. Maar de tennisbond is dus het klassiek schoolvoorbeeld van een bond die opereert in verenigingsland, waarvan zojuist is geconstateerd dat die geen toegevoegde waarde kan en zal hebben voor de commerciele squashclub of individuele squasher. Even los van of de tennisbond de squashbond uberhaupt wel wil overnemen; wat er dan gaat gebeuren is dat squashclubs zich niet bediend zullen voelen en uiteindelijk een eigen bond zullen oprichten. Dikke kans trouwens dat om dezelfde reden ook padelclubs eveneens op den duur bij de tennisbond zullen vertrekken. Misschien is het vanuit dat oogpunt nieteens zo'n slecht idee om ons alvast voor te bereiden op Squash- en Padelbond Nederland...