De spelregels van squash: puntentelling, service en let of stroke uitgelegd
Wie voor het eerst een squashbaan opgaat, botst al snel op begrippen als let, stroke en tin. Dit artikel zet de belangrijkste spelregels van squash op een rij: de puntentelling, de opbouw van een wedstrijd, de service en de beslissingen die de scheidsrechter kan nemen bij hinder.
Squash kent een eigen puntentelling en een aantal regels rond hinder die voor beginners vaak verwarrend zijn. Dit artikel legt de basis van het reglement uit, van de puntentelling tot de service en de beslissingen van de scheidsrechter.
Puntentelling: point-a-rally naar 11
Sinds 2004 wordt squash internationaal gespeeld volgens het PAR-systeem (point-a-rally), ingevoerd onder de World Squash Federation. Bij PAR levert elke rally een punt op, ongeacht wie serveert. Een game wordt gespeeld tot 11 punten. Staat het 10-10, dan moet een speler een voorsprong van twee punten pakken om de game te winnen.
Opbouw van een wedstrijd
Een wedstrijd wordt gespeeld in de best-of-5 games: wie als eerste drie games wint, wint de wedstrijd.
De service
Elke rally begint met een service vanuit een van de twee servicevakken, met minstens één voet volledig binnen de lijnen van dat vak. De bal moet de voorwand raken tussen de service-line en de out-line, en vervolgens stuiteren in het diagonaal tegenoverliggende kwart van de baan zonder eerst een lijn te raken. Wint de serverende speler de rally, dan behoudt hij de service en wisselt hij van vak; verliest hij, dan gaat de service over naar de tegenstander, de zogeheten 'hand-out'.
Wanneer is een bal geldig?
Op de voorwand van een squashbaan bepalen drie horizontale lijnen of een bal geldig is: de tin onderaan, de service-line in het midden en de out-line bovenaan. Een bal die de tin raakt of eronder blijft, is 'down' en dus ongeldig. Een bal die op of boven de out-line komt, is 'out'. Alles daartussenin is geldig, mits de bal niet twee keer stuitert voordat hij wordt teruggeslagen.
Let, stroke en no-let
Omdat twee spelers dezelfde beperkte ruimte delen, ontstaat er in squash voortdurend hinder. Denkt een speler dat hij door zijn tegenstander wordt belemmerd bij het bereiken of terugslaan van de bal, dan kan hij de scheidsrechter om een beslissing vragen. Die kent een van drie uitkomsten toe:
- Let: de rally wordt overgespeeld en dezelfde speler serveert opnieuw vanuit hetzelfde vak. Er wordt geen punt toegekend.
- Stroke: de gehinderde speler krijgt het punt, omdat de hinder een winnende bal onmogelijk maakte.
- No-let: de scheidsrechter wijst het verzoek af, bijvoorbeeld omdat de bal buiten bereik was of de hinder geen invloed had op de rally. Het spel gaat dan verder alsof er niets is gevraagd.
Een volledig overzicht van dit soort begrippen staat in het squash jargon.
De baan zelf
De officiële afmetingen van een squashbaan liggen vast bij de World Squash Federation: een lengte van 9,75 meter en een breedte van 6,4 meter. De voorwand is 4,57 meter hoog, de achterwand minimaal 2,13 meter, en de tin bevindt zich op 0,48 meter hoogte.
Wil je deze regels direct in de praktijk brengen? Begin bij de basistechnieken in squash of verdiep je in de squash tactiek. Nog niet bekend met de sport? Lees eerst wat squash precies is.